Nieuws
Automobilist botst achterop lesauto waarvan motor bij optrekken afslaat. Geen eigen schuld van lesauto omdat er rekening mee moet worden gehouden dat auto’s en dus ook lesauto’s soms afslaan.
Ongeval 24 september 2021. Leerling en instructeur staan stil voor een rood licht. Achter de lesauto staat een Ford. Het licht springt op groen waarna de leerling de auto langzaam laat optrekken. Een paar meter verderop slaat de motor af. De Ford rijdt achter op de lesauto. WAM-verzekeraar Allianz erkent de aansprakelijkheid jegens leerling en instructeur, maar meent dat er sprake is van 50% eigen schuld. De leerling heef volgens Allianz in strijd met art. 43 lid 2 RVV gehandeld en niet voldaan aan het vlotheidsbeginsel. Volgens de rechtbank moeten verkeersdeelnemers er altijd rekening mee houden dat een auto soms afslaat of stil komt te staan. Dit geldt ook bij een lesauto. Geen eigen schuld. Kosten deelgeschil: 7 uur x € 255,00 + 21% btw = € 2.159,85. Allianz is veroordeeld tot betaling van deze kosten.
Publicatie datum: 10 maart 2023 15:12:44
Passagier geeft bestuurder auto lachgas waarna deze op stilstaande pijlwagen botst. Bestuurder aansprakelijk wegens roekeloos rijgedrag maar 50 procent eigen schuld passagier.
Ongeval 23 april 2020. Verzoeker rijdt als passagier mee in een bij ASR verzekerde auto. De auto botst tegen een stilstaande pijlwagen. De bestuurder heef voor en tijdens het rijden lachgas gebruikt en verzoeker heef hem dit gas aangereikt. ASR wijst aansprakelijkheid af. ASR meent dat verzoeker zich door zijn gedrag heef ontrokken aan rechtsbescherming. De rechtbank ziet dit anders. Het ongeval is primair veroorzaakt door het roekeloze rijgedrag van bestuurder. ASR meent vervolgens dat er sprake is van 100% eigen schuld. De rechtbank meent dat er sprake is van 50% eigen schuld. Geen reden tot billijkheidscorrecte. Verzoeker verzoekt ASR te veroordelen in de kosten van het deelgeschil van € 9.705,50 inclusief btw, 6% kantoorkosten en het griffierecht. Volgens de rechter moeten de kosten worden gematigd en ziet aanleiding de verzochte kosten te matigen en voor het opstellen van het verzoekschrift uit te gaan van 15 uren. Dit betekent volgens de rechtbank dat het bedrag van € 9.705,50 moet worden verminderd met een bedrag van (15 x € 250,00 x 1,06 x 1,21 =) € 4.809,75 waardoor de rechterbank de kosten voor het deelgeschil begroot op € 4.895,75. ASR wordt veroordeeld in 50% van deze kosten.
Publicatie datum: 10 maart 2023 15:09:46
Werkgever ook aansprakelijk voor ongeval uitzendkracht die na uitklokken uitglijdt over natte en met fruitresten bevuilde werkvloer.
Ongeval 6 november 2015. Hoger beroep.1 Een uitzendkracht is op de werkvloer ten val gekomen omdat zij is uitgegleden over een natte en met fruitresten bevuilde vloer. De uitzendkracht stelt haar materiële werkgever aansprakelijk en vordert in deze procedure vergoeding van letselschade (en in eerste aanleg ook een verklaring voor recht). De rechtbank heef de vorderingen van de uitzendkracht afgewezen. Het hof is van mening dat het voldoende aannemelijk is geworden dat het knieletsel van de uitzendkracht is ontstaan in de uitoefening van haar werkzaamheden. Daaraan doet niet af dat de uitzendkracht ten tijde van de val al had uitgeklokt. Zij bevond zich toen nog in de hal. Het begrip ‘werkzaamheden’ moet ruim worden opgevat (HR 1 juli 1993, NJ 1993/687 en HR 15 december 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA9051). Beoordeeld moet worden of de materiële werkgever aldus zodanige maatregelen heef getroffen en aanwijzingen heef gegeven als redelijkerwijs nodig waren om te voorkomen dat de uitzendkracht in de uitoefening van haar werkzaamheden schade zou lijden door uitglijden en vallen op de werkvloer (vgl. HR 11 mei 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC9225). Het hof ziet aanleiding om ter beantwoording van deze vraag een deskundigenbericht te gelasten.
Publicatie datum: 10 maart 2023 15:08:11